Listing 1 - 5 of 5 |
Sort by
|
Choose an application
Choose an application
Choose an application
Het roken van tabakssigaretten verhoogt de kans op gezondheidsproblemen aanzienlijk. Ondanks deze gezondheidsrisico’s rookt nog steeds 25% van de Belgische bevolking. Het merendeel van deze rokers heeft de intentie om te stoppen met roken, aangezien 71% van hen al eens een rookstoppoging ondernomen heeft. Toch slaagt slechts drie tot vijf procent er in om puur op wilskracht een jaar later nog gestopt te zijn. Hulpmiddelen als nicotinevervangers (NRT), rookstopmedicatie of rookstopbegeleiding zorgen voor een stijging van dit slaagpercentage, maar toch hervalt 70% tot 90% van de gebruikers binnen het jaar. Sinds kort is er een alternatief op de markt, namelijk de e-sigaret. Het doel van deze studie is om de effectiviteit van de e-sigaret na te gaan, wanneer deze wordt gebruikt als hulpmiddel in rookstopbegeleiding bij tabakologen. De effectiviteit van behandeling met de e-sigaret (+ NRT) werd vergeleken met behandeling met NRT, behandeling met rookstopmedicatie en behandeling zonder hulpmiddel. Voor het onderzoek werd gebruik gemaakt van CO-metingen en vragenlijsten, die afgenomen werden bij intake, na één maand rookstop en na drie maanden rookstop. De effectiviteit werd nagegaan door te kijken naar het verloop van de slaagpercentages bij rookstop. Daarnaast werd ook onderzocht in welke mate de e-sigaret in vergelijking met de andere condities een invloed had op de ‘craving’ voor tabakssigaretten en de ontwenningsverschijnselen. Het onderzoek bestond uit 69 deelnemers, waarvan 53 deelnemers werden opgenomen in de analyses. Na één maand rookstop bleek nog 75% van de deelnemers gestopt te zijn met roken, waarvan 75% met de e-sigaret en 67% met een combinatie van de e-sigaret en NRT. Slaagpercentages verschilden hierbij niet significant van de andere condities. Na drie maanden rookstop bleek nog 51% van de deelnemers gestopt te zijn met roken, waarvan opnieuw 75% met de e-sigaret en 67% met een combinatie van de e-sigaret en NRT. Hierbij hadden deelnemers die een e-sigaret gebruikten meer kans om gestopt te zijn dan deelnemers die geen e-sigaret gebruikten, en dit voornamelijk in vergelijking met NRT. De mate van ‘craving’ en de ontwenningsverschijnselen verschilden na rookstop niet significant tussen deelnemers die gebruik maakten van een e-sigaret en deelnemers in de andere condities. Er kan geconcludeerd worden dat de e-sigaret mogelijks een effectief hulpmiddel in rookstopbegeleiding kan zijn, waarbij deze minstens even effectief is in vergelijking met hulpmiddelen als rookstopmedicatie en NRT. De effectiviteit van behandeling met een e-sigaret verschilde tegen verwachtingen in niet van behandeling zonder hulpmiddel. Dit zou verklaard kunnen worden door de tendens dat deelnemers zonder hulpmiddel minder zware rokers waren dan deelnemers met een e-sigaret en bijgevolg minder moeite hadden om gestopt te blijven. Vervolgonderzoek met een grotere steekproef en een langere en intensievere opvolging werd in kader van dit onderzoek opgestart om meer inzicht te krijgen in de effectiviteit van de e-sigaret binnen de context van rookstopbegeleiding.
Choose an application
For several years, e-cigarettes have been growing in popularity. Some studies indicate that e-cigarettes could be a less harmful alternative to tobacco cigarettes, noting that e-cigarette use seems to reduce the number of tobacco cigarettes smoked. However, some e-cigarette users (vapers) continue to smoke tobacco cigarettes (dual users). These dual users are a substantial subgroup within the larger group of vapers. Due to the limited literature, it is still unclear why some smokers easily become switchers (former smokers having switched exclusively to vaping) or why switching does not come easily for dual users. Considering the adverse health effects of smoking and the popularity of e-cigarettes, it is useful to learn more about the reasons dual users continue to smoke tobacco cigarettes, and how we could help them become switchers. To answer these questions, we set up an extensive questionnaire to study the characteristics of dual users and switchers. After reviewing literature about the behavioral, cognitive and attitudinal differences between dual users and switchers, we constructed a Dutch questionnaire based on an existing questionnaire and literature about behavioral, cognitive and attitudinal differences between dual users and switchers. In total, 215 people participated in our survey, 40 dual users and 175 switchers. Compared to the group of switchers, the surveyed group of dual users consisted of fewer men, were slightly younger and demonstrated a higher dependence on tobacco cigarettes. The tobacco cigarette usage of dual users declined to 14.33% of their pre-vaping usage levels, whereas the tobacco cigarette usage of switchers declined to zero percent. Dual users reported that they tried to quit smoking seven times versus four times for switchers. In terms of e-cigarette use, dual users appeared to use half of the e-liquid of switchers. Most dual users and switchers wanted to continue using their e-cigarette as they do now, but also to try to cut back their nicotine concentration or reduce it to zero. Dual users were more motivated to initiate e-cigarette use in order to reduce their tobacco usage and to vape where smoking is prohibited. Additionally, dual users preferred to use a tobacco cigarette after just having eaten or woken up, and in situations of stress. They did not prefer the tobacco cigarette when surrounded by children, vapers and prior to eating. Furthermore, dual users used an e-cigarette when they were in the car, at a family event and at work. Some interesting conclusions can be made in terms of the behavioral, cognitive and attitudinal differences between dual users and switchers. Dual users considered e-cigarettes to be less effective compared to switchers (e.g., they expressed the need for a tobacco cigarette after vaping). Dual users also experienced more practical problems with e-cigarettes compared to the switchers (e.g., an empty battery at an inconvenient moment). Moreover, the group of dual users experienced a greater number of negative effects (e.g., a sore throat) and fewer positive effects (e.g., improved breathing) from the e-cigarette than the group of switchers did.
Choose an application
Roken vormt een risicofactor voor heel wat ziekten en blijft een zeer belangrijke en vermijdbare doodsoorzaak. De rookprevalentie binnen de psychiatrische populatie ligt twee tot vier keer hoger dan in de algemene populatie, waardoor zij een belangrijke populatie is om rookstopmiddelen te promoten. Mensen met een psychische kwetsbaarheid hebben volgens onderzoek een grotere afhankelijk van nicotine en hebben minder kans om te stoppen met roken dan mensen zonder een psychische kwetsbaarheid. Hoewel er heel wat mogelijke effectieve rookstopmiddelen bestaan, blijven de rookstopcijfers binnen de psychiatrische populatie op lange termijn relatief laag. Daarom zijn de Tobacco Harm Reduction strategieën ontwikkeld. Deze zijn gericht op het verminderen van de schade van tabakssigaretten. Een voorbeeld hiervan is de elektronische sigaret (e-sig). De e-sig is een toestel dat nicotine levert zonder verbranding van tabak en is veel minder schadelijk dan een tabakssigaret. Binnen de psychiatrische populatie bestaat er nog niet veel onderzoek naar de effectiviteit hiervan. Het huidig onderzoek ging na of de e-sig een effectief alternatief kan bieden voor tabakssigaretten en wat de attitudes en risicopercepties van psychiatrische patiënten zijn over de e-sig. Dit werd nagegaan aan de hand van een reeks vragenlijsten en een fysiologische meting. Het onderzoek werd opgesplitst in twee delen. Aan het eerste deel namen zowel rokende als niet-rokende psychiatrische patiënten deel. Dit deel ging over de attitudes en de risicopercepties. Aan het tweede deel namen enkel rokers met een psychische kwetsbaarheid deel, die de e-sig daadwerkelijk uittestten gedurende drie maanden. De deelnemers van het twee deel werden drie keer gezien door de onderzoeker. Eén maal voor het afnemen van de startvragenlijsten en twee maal voor het afnemen van de follow-up vragenlijsten. Bij alle drie de afnamen werd ook een fysiologische meting uitgevoerd. Uit het onderzoek bleek dat er nog heel wat misvattingen bestaan over de e-sig. De deelnemers dachten dat nicotine een erg schadelijk bestanddeel was van de e-sig en dat deze niet effectief is om te kunnen stoppen met roken. Ook dachten ze dat de e-sig schadelijk was voor de damper zelf. Het tweede deel van het onderzoek werd door een beperkt aantal patiënten volledig doorlopen. Beide rookten op het einde van het onderzoek zowel elektronisch als tabakssigaretten en hadden een matige afhankelijkheid van tabakssigaretten. Beide gaven aan op het einde van het onderzoek minder tabakssigaretten per dag te roken in vergelijking met de periode voor het onderzoek. Bij beide deelnemers werden geen dalingen gevonden in de fysiologische meting. Er kan geconcludeerd worden dat psychiatrische patiënten nog een aantal misvattingen kennen over de e-sig en dat het gebruik van de e-sig bij de deelnemers niet heeft geleid tot het stoppen met roken. Verder onderzoek is nodig en er wordt aangeraden rekening te houden met de problematiek van de deelnemers en de misvattingen die bestaan. Omwille van de kostprijs zou een externe financiering van de e-sig kunnen helpen om meer deelnemers te vinden.
Listing 1 - 5 of 5 |
Sort by
|