Listing 1 - 10 of 18 | << page >> |
Sort by
|
Choose an application
History of the law --- anno 1400-1499 --- anno 1500-1599 --- 34 <09> --- Rechtsgeschiedenis --(algemeen) --- Theses --- Canon law --- Law --- Pleading --- Roman law --- Reception --- History. --- 34 <09> Rechtsgeschiedenis --(algemeen) --- History --- Civil law --- Civil law (Roman law) --- Law, Roman --- Common law pleading --- Declarations (Law) --- Demurrer --- Pleadings --- Civil procedure --- Public law (Canon law) --- Ecclesiastical law --- Rescripts, Papal --- Reception&delete& --- Catholic Church --- Netherlands.
Choose an application
Choose an application
Choose an application
Choose an application
Het doel van dit rechtshistorisch onderzoek is het in kaart brengen van de politiek-juridische denkbeelden die vervat liggen in de laat-achttiende-eeuwse pamflettenliteratuur. Tijdens de revolutie die wij nu kennen als de Brabantse Omwenteling, spoelden pamfletten als een vloedgolf en in grote getalen over de in een hevige strijd verzeilde Oostenrijkse Nederlanden. Slechts een klein percentage van deze pamfletten heeft echter relevante juridische waarde. De opzet van deze masterthesis is dan ook juist deze pamfletten te onderzoeken die ons meer vertellen over de dromen en wensen van verschillende burgers met het oog op de inrichting van een nieuwe staat.
Choose an application
In dit werk wordt gezocht naar het revolutionair gehalte van de Luikse Revolutie. het onderzoek verloopt in twee delen. In het eerste deel zal worden ingegaan op de staatsrechtelijke situatie van het Prinsbisdom Luik. Hier zal een vergelijking worden gemaakt met de situatie voor en na de Luikse Revolutie. In tweede instantie wordt een vergelijking gemaakt met de Franse Revolutie. Aan de hand van een analyse van beide onderdelen zal een antwoord gezocht worden op de centrale onderzoeksvraag: ´Wat is de plaats van de Luikse Revolutie in het revolutionaire tijdperk van de 18de eeuw?´
Choose an application
De scriptie gaat dieper in op handelsverdragen met betrekking tot België. Het onderzoekt de evolutie van Belgische handelsverdragen tussen de Belgische Omwenteling en 1875. De periode die dit eindwerk dus in acht neemt is de periode van 1830 tot 1875. Deze masterscriptie wil kijken hoe België als pas gevormde staat omging met handelsakkoorden en of er een evolutie te zien is in de afgesloten verdragen in de eerste fase van het bestaan van België. De onderzoeksvraag die in deze masterscriptie centraal staat is dan ook de volgende: “Evolueren de Belgische handelsverdragen tussen 1830 en 1875?” Het onderzoek zal zo veel mogelijk gebeuren aan de hand van primaire bronnen, in dit geval de handelsverdragen. Rechtspraak wordt buiten beschouwing gelaten. De studie van handelsverdragen hangt nauw samen met de studie van handelspolitiek. Bij het onderhandelen, sluiten en goedkeuren van een handelsverdrag met een ander land kwamen verschillende belangen kijken. België besefte dat dergelijk regime nefast was voor de Belgische economie. De tweede fase ontstond naar het einde van de jaren 1840 toe. België verlaagde zijn invoer- en uitvoerrechten aanzienlijk. Deze periode is gekenmerkt door een vrijhandelsbeleid. Via het Cobden-Chevaliernetwerk en de clausule van de meest begunstigde natie gold een zeer laag tariefregime. Verdragen uit deze periode hadden een algemener karakter. In plaats van de invoer- en uitvoerrechten per product te regelen, verklaarden verdragen dat een zeer liberaal regime van kracht was voor verschillende categorieën van producten. De Belgische handelsverdragen regelden vaak meer dan enkel de handel. Er werden onder meer regelingen getroffen met betrekking tot diplomatie, rechtsbescherming of legerdienst. Ook al hebben deze bepalingen op het eerste zicht niet veel te maken met handel toch gaven ze de handelaren en burgers van de contractspartij enige bescherming en zekerheid. Wat betreft deze bepalingen van de handelsverdragen geldt het gemaakte onderscheid niet. Zij kwamen gedurende de hele onderzochte periode voor.
Choose an application
Deze thesis poogt vooral een uitleg te geven over waarom de kaapvaart op dit moment niet meer bestaat. De voornaamste reden hiervoor is de aanwezigheid van vele misbruiken in het systeem. Om tot deze conclusie te komen wordt er in dit werk eerst het ontstaan besproken van de kaapvaart met zijn Germaanse roots en Romeinsrechtelijke verantwoording. Hier kan men reeds duidelijk de evolutie zien van een noodzakelijke systeem van rechtshandhaving naar een zeer winstgevende tak van de oorlogsindustrie. Reeds in de beginjaren van de kaperij zag men in dat er een grote mogelijkheid bestond tot ontsporingen. In het werk zal hierop enkele aandachtspunten gelegd worden. Ook op welke wijze door de plaatselijke machthebber werd gereageerd zal voorkomen. Om een volwaardig beeld te kunnen scheppen over de werking van deze industrie volgt er na het relaas over het ontstaan een bespreking over de wijze van uitgifte van kaper- of commissiebrieven. In deze bespreking zullen de uitgevende instellingen, de personen die het konden bemachtigen en de gestelde voorwaarden voorkomen. Daarop volgt een uitleg over de praktische uitvoering van een 'kaping'. Hier worden ook de procesrechtelijke aspecten aangesneden zoals de behandeling van neutrale schepen en de mogelijkheid tot teruggave van de goederen indien er een onregelmatigheid voorkwam. Om de verschillende ontsporingen, hun bestaansreden en werking beter te begrijpen wordt er daarop een synthese gemaakt van de bestaande misbruiken en hun gevolgen. Finaal wordt er geëindigd met een bespreking van de gemaakte evolutie van de 16e eeuwse kaperij tot de complete afschaffing ervan door middel van verdragen en Vredesconventies in de 19e-20e eeuw, nadat men op andere wijzen getracht had de kaapvaart onder controle te krijgen.
Choose an application
Vrouwen zijn ondervertegenwoordigd in de politie, vooral in leidinggevende functies. Dit is een wijdverspreid probleem dat zich reeds geruime tijd voordoet. Heden ten dage bestaat er geen twijfel over dat vrouwen en mannen gelijke kansen zouden moeten hebben. Bovendien is het voor de politieorganisatie belangrijk een goede afspiegeling te zijn van de samenleving. Het doel van dit onderzoek was daarom te achterhalen wat de oorzaken zijn van de ondervertegenwoordiging van vrouwen bij de Belgische politie en of er nog discriminaties zijn in dat verband. Bovendien had dit onderzoek als oogmerk het voorstellen van maatregelen die kunnen worden genomen om eventuele discriminaties weg te werken en om de positie van vrouwen bij de politie te bevorderen. Hiervoor zijn twee centrale onderzoeksvragen opgesteld: ‘Waarom zijn vrouwen ondervertegenwoordigd in (top)politiefuncties in België?’ en ‘Welke initiatieven kunnen worden genomen om gelijke verdeling tussen mannen en vrouwen in (top)politiefuncties te bekomen?’. Om deze onderzoeksvragen te beantwoorden werd een rechtshistorische, vergelijkende methode toegepast. De intrede en evolutie van vrouwen bij de politie werd bestudeerd, hierbij inbegrepen de regelgeving en maatschappelijke opvattingen die gelijktijdig evolueerden. Aan de hand van deze methode kan de huidige positie van vrouwen bij de politie beter worden begrepen en kan met kennis van zaken voorstellen worden gedaan om de positie van vrouwen bij de politie te verbeteren. Daarnaast werd de situatie in België vergeleken met de situatie in Nederland, omdat Nederland het steeds beter doet wat de vertegenwoordiging van vrouwen bij de politie betreft. Uit het onderzoek is gebleken dat er drie voorname oorzaken te onderscheiden zijn die elkaar beïnvloeden, namelijk het hanteren van achterhaalde genderstereotypen, discriminerende praktijken bij de rekrutering en benoeming van politievrouwen en de moeilijke combinatie tussen werk- en zorgtaken. Om hieraan tegemoet te komen kunnen verschillende maatregelen worden genomen. Eerst en vooral moet men komaf maken met genderstereotypen. De werkende vrouw en de zorgende man moeten genormaliseerd worden. Bovendien kan men selectieproeven aanpassen zodat discriminaties in de rekruteringsfase niet meer plaatsvinden en kunnen maatregelen worden genomen om benoemingen vlotter te laten verlopen voor vrouwen. Tenslotte kan de toepassing van duobanen geëxploreerd worden en kan men overwegen kinderopvang binnen de politie te openen om de combinatie tussen werk- en zorgtaken te vergemakkelijken. Het beleid omtrent vrouwen bij de politie moet bovenal aanhoudend worden verdergezet. Politievrouwen staan thans veel verder dan enkele decennia geleden en zullen in de toekomst mits het verderzetten van het beleid allicht nog veel verder staan dan vandaag.
Choose an application
Listing 1 - 10 of 18 | << page >> |
Sort by
|